Onderzoek wijst op lagere zorgkosten bij patiënten van complementair werkende huisartsen 

RickDenkers

0 Comment

Nieuwe analyse zet vraagtekens bij vanzelfsprekendheden in het zorgdebat

Kunnen verschillen in behandelstijl binnen de huisartsenzorg bijdragen aan lagere zorgkosten zonder dat dit ten koste gaat van de gezondheid van patiënten? Die vraag staat centraal in een nieuwe wetenschappelijke beschouwing op basis van twee grote Nederlandse onderzoeken naar huisartsen met aanvullende scholing in complementaire geneeskunde. De analyses laten zien dat patiënten van deze huisartsen gemiddeld lagere zorgkosten hebben dan patiënten van reguliere huisartsen, vooral doordat minder kosten worden gemaakt voor ziekenhuiszorg en geneesmiddelen. Tegelijkertijd werd geen overtuigend verschil gevonden in sterftecijfers. 

De onderzoeken zijn uitgevoerd door econoom Peter Kooreman en onderzoeker Erik Baars en maakten gebruik van omvangrijke gegevensbestanden van Nederlandse zorgverzekeraars. De eerste studie analyseerde gegevens van circa 150.000 verzekerden, terwijl de tweede studie gegevens omvatte van ruim 1,5 miljoen verzekerden over een periode van zes jaar. Beide onderzoeken vonden een vergelijkbaar patroon van lagere gemiddelde zorgkosten bij patiënten van huisartsen met aanvullende scholing in onder meer acupunctuur, homeopathie of antroposofische geneeskunde. 

Niet alleen een discussie over complementaire zorg

Volgens de auteurs gaat de betekenis van deze onderzoeken verder dan het debat over complementaire geneeskunde alleen. Huisartsen vervullen in Nederland immers een poortwachtersfunctie. Zij beïnvloeden verwijzingen naar de tweede lijn, diagnostiek, medicatiegebruik en de begeleiding van patiënten met chronische klachten. Daardoor kunnen verschillen in consultvoering en behandelstijl invloed hebben op het totale zorggebruik. 

De studies geven geen definitief antwoord op de vraag waardoor de kostenverschillen ontstaan. Mogelijke verklaringen zijn een grotere nadruk op preventie, leefstijl en zelfmanagement, een terughoudender gebruik van geneesmiddelen en verwijzingen, of verschillen tussen patiëntengroepen die bewust voor een bepaalde huisarts kiezen. De onderzoekers benadrukken dat de beschikbare gegevens geen directe causaliteit aantonen. 

Passende zorg en doelmatigheid

Juist daarom sluiten de onderzoeksbevindingen aan bij actuele discussies over passende zorg. De centrale vraag daarbij is niet hoe zorg goedkoper kan worden, maar hoe zorg kan worden georganiseerd op een manier die waarde toevoegt voor de patiënt en onnodige interventies voorkomt. De lagere kosten die in de onderzoeken worden gevonden, lijken vooral zichtbaar te zijn in ziekenhuiszorg en medicatiegebruik, twee van de grootste kostenposten binnen het zorgstelsel. 

De wetenschappelijke beschouwing benadrukt dat lagere kosten op zichzelf geen bewijs vormen voor betere zorg. Belangrijke gegevens over kwaliteit van leven, patiënttevredenheid, functioneel herstel en andere gezondheidsuitkomsten ontbreken grotendeels in de onderzochte datasets. Daardoor blijft vervolgonderzoek noodzakelijk. 

Aanleiding voor verder onderzoek

De onderzoekers pleiten daarom voor meer studies naar de relatie tussen behandelstijl, patiëntgerapporteerde uitkomsten, zorgkosten en gezondheidswinst. Daarbij zou niet alleen gekeken moeten worden naar complementaire geneeskunde als zodanig, maar vooral naar de vraag welke elementen van huisartsenzorg bijdragen aan doelmatig zorggebruik zonder verlies van kwaliteit en veiligheid. 

Voor de NFG zijn deze bevindingen relevant omdat zij laten zien dat integrale en persoonsgerichte benaderingen binnen de gezondheidszorg niet alleen vanuit patiëntperspectief interessant kunnen zijn, maar mogelijk ook een rol spelen in de maatschappelijke discussie over betaalbare en toekomstbestendige zorg. Tegelijkertijd onderstrepen de studies het belang van gedegen wetenschappelijk onderzoek en kritische evaluatie van alle zorgvormen, regulier én complementair.

Bronnen

Kooreman P, Baars EW. Patients whose GP knows complementary medicine tend to have lower costs and live longer. European Journal of Health Economics. 2012. 

Baars EW, Kooreman P. A 6-year comparative economic evaluation of healthcare costs and mortality rates of Dutch patients from conventional and CAM GPs. BMJ Open. 2014